robscheepers.com
Columns
17 april 2020

Heerlijk zullen we alles delen

Vorig weekend was de aftrap van zo’n beetje alles wat nog wél mag in deze quarantainetijd. Zo ging op zondag blijkbaar het fietsseizoen van start. ­Zowel voor langszij zoevende wielrenners als voor plukjes onverstoorbare senioren met hoedjes op e-bikes.

Ook alle cabrioletjes zijn volgens mij in de dagen voorafgaand driftig in de turtle wax gezet. Want ook die kwamen ineens massaal vanuit het niks tevoorschijn. Net als alle motoren die grommend en brullend hun winterslaap beëindigden met een ritje door het buitengebied. Kortom, iedereen had ineens weer zin om dingen te doen. Wandelen. Tuinieren. Stoepkrijten. En alles werd meteen gedeeld. Natuurlijk op de gebruikelijke socialmediakanalen als Instagram, Twitter en Facebook. Ik kreeg ook in minimaal zeven appgroepjes de triomfantelijke mededeling dat ‘het BBQ-seizoen 2020 voor geopend was verklaard’. Met bijbehorende foto van een 2 kilo zware homp traag garende procureur op het rooster van de onvermijdelijke green egg. Want zeg eerlijk, het zijn nooit plaatjes van een vernederde gitzwarte bbq-worst die ze je doorsturen. Altijd een heel moeilijke, biologische zwijnenpens die al sinds Drie­koningen in een smokey ­marinade heeft gelegen.

Ik kan enorm genieten van die tomeloze drift om alles te delen met de omgeving. Juist nu lijkt het of we die aandrang nóg sterker hebben. Alsof iedereen móét laten zien dat ie ondanks de intelligente lockdown heus nog wel interessante dingen doet. En daarin schuilt iets heel moois, vind ik. Het toont namelijk de waardering voor kleine dingen. Dat is een bijkomend voordeel van deze quarantaine. Want hoe lekker is het wanneer je na vier dagen verplicht ­binnen zitten, onverwacht naar de winkel mag? Man, ik kan op zulke momenten wel janken van blijdschap. Mijn vrouw en ik vechten wie dan even uit huis mag. Sterker nog, de grote boodschappen zijn serieus het hoogtepunt van mijn week geworden. ,,Karretje of mandje, mijnheer?”, vragen ze bij de ingang. ,,Weet je, het maakt me niet uit, mevrouw! Al moet ik van mijn eigen T-shirt een plunjezak knopen...’"

Wat bij mij voorheen voor irritaties en stress zorgde, voelt tegenwoordig als pure ontspanning. Pure winkelyoga. Ik laat me glunderend als een cavia uit Fred Osters Wie-Kent-Quiz via een verplichte looproute door het Kruidvat heen zigzaggen. Al vragen ze me daar bij binnenkomst: ,,Wie wilt u zijn, mijnheer? Simon Tahamata of Jos Brink?” Mij krijgen ze niet chagrijnig. Want dat ik momenteel weer ­enthousiast kan worden van doodnormale dingetjes, ervaar ik als pure winst. En als u bewijs daarvan wilt zien, dan moet u nú kijken op mijn socialmediakanalen. Want ik heb zojuist toch iets spectaculairs gedaan. En dat moest ik écht even delen met u...

 

Terug naar het overzicht